Blog · Leiderschap

Hoe de grootste ego's stilvielen toen een scheenbeen brak

Over wie er opstaat als het echt ergens om gaat.

Modderige bergschoenen na een business walk

Jaren geleden stond ik in de Ardennen voor een groep van veertien managers. Allemaal man. Ik was geen groentje. Ik had al heel wat groepen begeleid en bouwde ondertussen mijn eigen bedrijf op, Just Healthy, een sportorganisatiebureau. Ik wist wat ik deed en ik had een programma bij me dat zich al bewezen had. Met de juiste samenwerkingsopdrachten maak je de groepsdynamiek zichtbaar die anders onder de oppervlakte blijft. De informele hiërarchie, wie dominant is en wie zich aanpast, wie op de taak stuurt en wie op de sfeer.

Die ochtend kreeg ik totaal geen grip op de groep.

Het toetje van vandaag

Het begon meteen. "Ben jij het toetje van vandaag? Zo'n meisje helemaal alleen in het bos met mannen, dan vraag je erom." Gelach. En het bleef niet bij die ene opmerking. De hele ochtend kwam er meer, de een nog grover dan de ander. Wat we nu seksueel grensoverschrijdend gedrag zouden noemen, alleen had ik daar op dat moment geen woord voor. Ik lachte er schaapachtig bij. Het enige wat ik wilde was mijn programma draaien en dat lukte voor geen meter. Voor ik een opdracht had uitgelegd, waren ze al begonnen, zonder te weten wat de bedoeling was. Een regelrechte ramp. Vanbuiten bleef ik rustig. Vanbinnen was het paniek, frustratie en onbegrip. Dit werkte toch altijd?

Het bot stak eruit

De opdracht leek eenvoudig. Met z'n allen aan een touw een sloot over, een brede modderige geul met bruin water onderin. Het draaide om hoe ze dat samen zouden aanpakken. Maar dat hadden ze niet afgewacht. Twee van de mannen, nog vol bravoure van de ochtend, besloten dat ze geen uitleg nodig hadden en sprongen. Een van hen zette verkeerd af, gleed weg op de natte kant en kwam met zijn volle gewicht op zijn onderbeen terecht.

Ik hoorde het breken voordat ik het zag. Toen ik keek, stak het bot door zijn broek naar buiten en lag hij half in het bruine water te gillen, zo hard dat het door merg en been ging. Eén simpele oefening, en ineens een open beenbreuk met veertien mannen die ter plekke bevroren.

Bij mij klikte er iets

Bij mij gebeurde het tegenovergestelde. Mijn brein schakelde over in pure rust. Ik wist meteen wat ik moest doen, ook al was zo'n situatie ook voor mij nieuw. Die man lag midden in een diepe, smerige sloot en om me heen stond een groep mannen die in kleuters waren veranderd. Totaal afhankelijk. Niemand die opstond. Dat verraste mij misschien nog wel het meest.

Ik verdeelde de taken in een flits. Jullie twee en jullie twee, met mij mee. Jij, met de bril, bel de ambulance en zeg precies waar we staan. En zo nog een paar.

En toen stond hij op. De stilste van het stel, de man die de hele ochtend geen woord had gezegd. Hij had overzicht, begreep precies wat er moest gebeuren en kreeg de anderen mee. Samen tilden ze hun collega uit de sloot. Ik legde een tijdelijke spalk aan.

De grootste schreeuwer van de groep greep naar zijn hoofd en stond vooral in de weg.

De groep werd ineens één

De rest deed wat er nodig was, rustig en stil. De een zocht een plek in de schaduw. Een ander haalde water. Mijn EHBO-koffer stond ineens netjes naast me, zonder dat ik erom had gevraagd. Er werd geschakeld, geluisterd, nagedacht als één groep. Het was, gek genoeg, bijna harmonieus.

De man kon meteen naar het ziekenhuis. En toen de ambulance weg was, was de dag nog niet klaar.

We gingen verder met het programma. En het liep fantastisch. Dezelfde mannen die 's ochtends alleen flauwe grappen maakten, gaven elkaar nu opbouwende kritiek. Er werd samengewerkt en goed uitgekeken, niemand had zin in nog een blessure. We eindigden met een bbq. Echt gezellig. Vijf dagen later kreeg ik een grote bos bloemen van de groep.

Wat ik die dag leerde

Het meelachen was weg. De grote monden waren verdwenen. Er kwam respect voor de man die was opgestaan en eerlijk gezegd ook voor mij. Als ik iets zei, was iedereen stil. Er werd gevraagd, er werd geluisterd. Zoals het hoort.

Zodra het serieus werd, was het haantjesgedrag voorbij. Het was een houding die ze aannamen zolang alles vrijblijvend bleef. Toen het er echt toe deed, viel die weg. En de man van wie iedereen dacht dat hij niks te zeggen had, bleek de enige met overzicht.

Dat zie ik nog steeds. Niet altijd met een gebroken scheenbeen erbij, gelukkig. Maar elke keer dat een groep samen buiten iets echts moet doen, gebeurt hetzelfde. De grote monden worden zachter. De stille types komen naar voren. Je ziet ineens wie er werkelijk leiderschap in zich heeft en dat is bijna nooit degene die het hardst roept.

Ik denk nog vaak terug aan die dag. Vooral aan hoe snel die veertien grote monden een team werden toen er gehandeld moest worden en aan de man die opstond die niemand had zien aankomen. Daar heb ik geen ongeluk meer voor nodig. Een groep in beweging laat vanzelf zien wie er staat. Dat is wat ik nu met Bureau Troost doe.


En de man van wie iedereen dacht dat hij niks te zeggen had, bleek de enige met overzicht.

Bekijk de Business Walks